Blog
Het VBAR-wetsvoorstel en het rechtsvermoeden onder 38 euro
Een uurtarief onder 38 euro kan straks leiden tot een rechtsvermoeden van werknemerschap. Wat dit voorstel inhoudt en wat de status is.
Gecontroleerd aan de hand van officiële bronnen (Rijksoverheid, Belastingdienst, rechtspraak.nl). Dit is voorlichting, geen juridisch advies.
Rond de vernieuwing van de regels voor zelfstandigen valt vaak de term VBAR, de beoogde Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden. Een veelbesproken onderdeel is het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een laag uurtarief. Belangrijk om te weten: dit onderdeel is een wetsvoorstel en nog geen geldend recht. Dit artikel legt uit wat het inhoudt, wat de actuele status is en waarom het onderscheid tussen voorstel en geldend recht voor u van belang is.
Het rechtsvermoeden is afgesplitst in een apart wetsvoorstel
De oorspronkelijke plannen zijn opgesplitst. Het rechtsvermoeden bij een laag tarief is ondergebracht in een afzonderlijk wetsvoorstel, bekend onder nummer 36783. De beoogde ingangsdatum is 1 juli 2026, maar tot het moment dat het voorstel is aangenomen en in werking is getreden, geldt het niet.
Dat onderscheid is niet louter formeel. Een wetsvoorstel kan tijdens de behandeling in de Tweede en Eerste Kamer nog worden gewijzigd, uitgesteld of zelfs verworpen. Beslissingen over uw inhuur moet u daarom baseren op de huidige, bestaande regels en niet op dit voorstel. Wie nu al handelt alsof het rechtsvermoeden geldt, loopt het risico maatregelen te nemen op basis van regels die nog kunnen veranderen.
Wat houdt het rechtsvermoeden in
Het idee achter het rechtsvermoeden is dat een werkende met een laag uurtarief zich makkelijker op werknemerschap kan beroepen. Ligt het tarief onder de voorgestelde grens, dan wordt vermoed dat er sprake is van een arbeidsovereenkomst. Het is dan aan de opdrachtgever om aannemelijk te maken dat dat niet zo is.
De bewijslast verschuift daarmee richting de opdrachtgever. Dat is een belangrijke wijziging, want nu ligt het initiatief vaak bij degene die stelt dat er een dienstbetrekking is. Het rechtsvermoeden is nadrukkelijk bedoeld als hulpmiddel voor de werkende, met name voor mensen die zelf de gang naar de rechter niet makkelijk maken. Het verandert niet de onderliggende materiele norm voor wat een dienstbetrekking is: het maakt het alleen eenvoudiger om die norm in te roepen.
De voorgestelde grens van 38 euro
De genoemde grens bedraagt in het voorstel 38 euro per uur, met als peildatum 1 januari 2026. Dit bedrag wordt geindexeerd, wat betekent dat het in de loop van de tijd kan worden bijgesteld aan de hand van de loonontwikkeling. Het is een voorgestelde grens: zolang het wetsvoorstel niet is aangenomen, heeft dit bedrag geen juridische werking.
Ligt een tarief onder deze grens, dan is dat overigens op zichzelf nog geen bewijs van schijnzelfstandigheid. Het gaat om een vermoeden dat weerlegd kan worden met feiten die op echt ondernemerschap wijzen. Andersom biedt een tarief boven de grens geen automatische bescherming. Het rechtsvermoeden is een drempel voor de bewijslast, geen eindoordeel over de aard van de relatie.
Wat betekent dit voor opdrachtgevers
Hoewel het voorstel nog niet geldt, is het verstandig om er nu al rekening mee te houden. Wie structureel zzp'ers inhuurt tegen tarieven rond of onder de 38 euro, doet er goed aan de onderbouwing van het ondernemerschap op orde te hebben. Denk aan een goede vastlegging van vrije vervangbaarheid, ondernemersrisico en het ontbreken van gezag.
Zo staat u sterker als het rechtsvermoeden op enig moment wel gaat gelden. U hoeft dan niet in korte tijd een dossier op te bouwen, maar kunt terugvallen op vastleggingen die u al eerder heeft gemaakt. Voor accountants is dit een bruikbaar gespreksonderwerp met cliënten die met lage tarieven werken.
Verwar het vermoeden niet met de hoofdregel
Ook zonder rechtsvermoeden geldt nu al dat de feitelijke uitvoering bepalend is. Een tarief boven de 38 euro betekent niet automatisch dat er geen dienstbetrekking is. De beoordeling blijft altijd berusten op het geheel van de omstandigheden, zoals de gezichtspunten die de Hoge Raad heeft geformuleerd. Het tarief is daarbinnen een van de vele factoren.
Blijf de ontwikkelingen volgen
Omdat de wetgeving nog in beweging is, is het verstandig om de voortgang van het wetsvoorstel te blijven volgen. Data kunnen opschuiven en de precieze uitwerking kan tijdens de behandeling nog wijzigen. Baseer uw beleid op wat geldt, maar richt uw administratie zo in dat u snel kunt schakelen als het rechtsvermoeden daadwerkelijk in werking treedt. Zo voorkomt u dat u overvallen wordt door een wijziging die u al lang zag aankomen.
Bronnen
Disclaimer. Dit artikel is algemene voorlichting en geen juridisch of fiscaal advies. WetDBA Scan aanvaardt geen aansprakelijkheid voor beslissingen op basis van deze informatie. Raadpleeg bij twijfel een jurist of belastingadviseur.